Fast Fashion / 23 maart 2017

Wat zijn de gevolgen van de kledingindustrie?

Gevolgen kledingindustrie

Dat het mis is met de kledingindustrie, dat weten we eigenlijk allemaal wel. Maar hoe erg is het eigenlijk gesteld? Wat zijn de gevolgen voor de natuur en voor de arbeiders in de kledingindustrie? In dit artikel worden deze gevolgen onder de loep genomen.

Gevolgen voor de natuur

Bij de productie van kleding komen veel vervuilende stadia aan te pas. Denk bijvoorbeeld aan de uitstoot van de kledingfabrieken of de het verven van textiel. Deze zijn beide erg belastend voor het milieu, maar zijn zeker niet het meest vervuilend.

De grootste vervuiler is namelijk de productie van katoen. Katoen wordt voor vele stoffen en kleding gebruikt, zo worden jeans bijvoorbeeld ook gemaakt van katoen. Tijdens de productie hiervan worden giftige chemicaliën gebruikt. Dit zorgt ervoor dat de grond waarop de katoen groeit onvruchtbaar wordt. Ook tast het al het leven in de omgeving van de katoenplantage aan. Dit heeft invloed op andere planten, maar ook op dieren en insecten.

Daarnaast zijn al die chemicaliën ook niet goed voor de mensen die op de het land werken. Deze ademen dagelijks chemische stoffen in, doordat er vaak weinig aandacht is voor gezonde arbeidsomstandigheden. Helaas komen ziektes zoals longkanker hierdoor veel voor bij katoenmedewerkers.

Voor de teelt van katoen zijn naast chemicaliën ook een grote hoeveelheid water nodig. Misschien heeft dit nog wel de ergste gevolgen voor de aarde. Een bekend voorbeeld van de gevolgen van de katoenindustrie is het Aralmeer. Dertig jaar geleden was dit één van de grootste meren op onze planeet, het was net zo groot als Ierland. Maar doordat alle omliggende rivieren droog zijn gepompt voor de katoenindustrie, is het meer geslonken tot nog maar 10% van de oorspronkelijke omvang. In de onderstaande afbeelding is goed te zien dat het Aralmeer enorm is afgenomen in grootte.

gevolgen kledingindustrie

Gevolgen voor de arbeiders

Het bekendste voorbeeld als het gaat om de gevolgen van kledingindustrie voor de arbeiders is de ramp in Rana Plaza. In 2013 stortte kledingfabriek Rana Plaza in Bangladesh in. Op dat moment waren daar 5000 arbeiders aan het werk. 1138 mensen kwamen hierbij om het leven en meer dan 2000 raakten gewond.

Grote merken zoals H&M laten veel van hun kleding in Bangladesh maken. De arbeidsomstandigheden laten zeer te wensen over en de lonen zijn laag. Omdat fabrieken hun kleding zo goedkoop mogelijk willen maken, worden er steeds meer arbeiders in kleine ruimtes aan het werk gezet. Aandacht voor veiligheid, gezondheid of een leefbaar loon is er niet. Veel arbeiders, zo ook in Rana Plaza, verdienen € 1 euro of minder per dag. Dit is vanzelfsprekend veel te weinig om van te leven.

Kinderarbeid

Ondanks dat dit in de loop der jaren een stuk minder is geworden, worden kinderen nog steeds ingezet om onze kleding te maken. Vaak gebeurt dit als de ouders te weinig verdienen. De kinderen moeten dan wel meewerken, omdat de gezinnen anders niet rondkomen. Dit probleem kom niet alleen voor in Bangladesh, maar ook dichterbij huis.

Door de oorlog in Syrië zijn veel gezinnen gevlucht naar Turkije. De laatste tijd komt het steeds vaker in het nieuws dat in Turkse kledingfabrieken, werkende kinderen zijn aangetroffen. Deze kinderen werken aan kleding van onder andere ketens zoals Zara, Asos en Mango (lees hier meer).

Het is niet zo dat kledingmerken fabrikanten aansporen tot deze praktijken. De kledingmerken zijn er vaak niet van op de hoogte dat kinderen werken aan hun kleding. De fabrikanten zeggen (uiteraard) dat ze geen kinderen in dienst hebben, maar hebben dit vervolgens wel omdat zij veel goedkoper werken dan. Als controleurs van kledingmerken langskomen, laten de fabrikanten niet alles van hun fabriek zien. Soms hebben fabrikanten zelf andere gebouwen die ze laten zien aan inspecteurs. Hierdoor krijgen de kledingmerken verkeerde informatie.

Behalve in kledingfabrieken worden kinderen ook ingezet bij de productie van katoen en zijde. Aangezien het voor een kledingmerk vaak niet te achterhalen waar de stoffen voor hun kleding vandaan komen, zijn ze ook hiervan niet van op de hoogte.

Wat kun je zelf doen?

Al met al zijn deze gevolgen van de kledingindustrie lastig op te lossen. Het verbeteren van de productie van katoen kan op lange termijn juist profijt opleveren, terwijl de arbeidsomstandigheden nog lastig aan te pakken zijn. Omdat ze niet altijd aan het licht komen, zijn ze ook moeilijk op te lossen. Hierdoor is het voor de consument ook erg moeilijk om te weten waar je nu het beste je kleding kan kopen.

Er zijn natuurlijk wel dingen waar je op kan letten zoals de stoffen waarvan de kleding gemaakt is. Probeer te kiezen voor stoffen als biokatoen en bamboe. Koop je kleding vintage of kies voor kleding die lokaal is geproduceerd. Het liefst in eigen land, maar anders in Europa. Neem je tijd om uit te zoeken waar je kleding wordt gemaakt in plaats van maar snel te kopen. Door deze extra moeite hecht je veel meer waarde aan je kleding en zal je zien dat je er langer van zal houden. 

Rianne

Ik ben Rianne, het liefst ben ik bezig met mode en illustreren of een combinatie van beiden. Pas sinds kort doe ik onderzoek naar duurzame kleding. Iets wat waar mij betref veel meer aandacht aan besteed mag worden. Volg mijn zoektocht op mijn blogs!

Leave A Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *